David Bowie 1947 – 2016

BowieHet is 1974, ik ben tien jaar oud, als ik voor het eerst het album Hunky Dory te horen krijg. In die tijd leer ik volwassen muziek kennen via G. Ik luister voor het eerst naar David Bowie, The Velvet Underground, Roxy Music en Steve Harley. De laatste drie zijn na een muzikaal hoogtepunt uitgespeeld, David Bowie blijft. Ik ontdek na Hunky Dory Ziggy Stardust en The Thin White Duke. Het is allemaal bijzonder, die vernieuwing, de constante kwaliteit. Dat zoeken naar een nieuwe manier om je creativiteit kwijt te kunnen. Er zijn maar weinig muzikanten die zichzelf telkens vernieuwen, zichzelf keer op keer uitvinden en daarbij garant staan voor kwaliteit, energie en het plezier van het muziek maken. 

Er is slechts één periode die ik heb overgeslagen, daar was ik David Bowie even kwijt. De vreselijke duetten met Tina Turner, Mick Jagger en Freddy Mercury. Na al die creativiteit en dan ineens een partijtje popdrek uitbrengen. Ik kan er niet naar luisteren. Het zal wel iets met geld te maken hebben. Er moet tenslotte ook brood op de plank. Gelukkig kwam hij weer verfrissend terug met Tin Machine. Mijn muziekheld was weer in ere hersteld. Ik kon weer luisteren naar nieuw werk waar ik blij van werd. Hij klonk zelfs weer Engels.

Onder invloed van de nieuwe muziek kwamen er albums met drum & bass ritmes, weer heel verfrissend. En toen het album Heathen verscheen was dat weer zo’n verrassing. Zo’n plaat of schijfje dat maandenlang op of in de speler ligt. Een plaat die je keer op keer kan luisteren. En dan is er tien jaar na Reality het bijzondere album The Next Day. Ik was wel heel teleurgesteld over de hoes. Maar nu ik in december bij David Bowie Is in Groningen ben geweest weet ik wat er met de hoes bedoeld wordt. De hoes past nu ineens wel bij het album. Het klopt.

En dan is het 8 januari 2016, zijn verjaardag wordt over de hele social media wereld gevierd. De plannen om het op die datum uitgebrachte album Black Star te gaan kopen worden gesmeed. En dan hoor ik op 11 januari dat David Bowie op 10 januari is overleden. Alles volgens plan zo lijkt het. De antwoorden liggen blijkbaar besloten in de tekst van Black Star. Er is geen tijd te verliezen, deze plaat maar zo snel mogelijk in huis halen. Om te vieren dat ik zoveel plezier heb beleefd met het luisteren naar David Bowie.

In het Groninger museum stond ik met kippenvel op mijn lijf te genieten van Rock & Roll Suicide op het grote scherm, dat was een bijzonder moment. Op zijn verjaardag post ik het lied op Facebook en het raakt me weer. Vandaag, na het nieuws over zijn overlijden, draai ik het lied nog eens en aangedaan in stilte bedank ik David Bowie voor zijn muziek.

Mettes: zijn grafisch vakwerk in lijsten

Het Utrechtse Spoorwegmuseum exposeert tot en met 10 februari 2013 het grafisch werk van illustrator Frans Mettes (1909 – 1984). Mettes bepaalde met zijn werk decennialang het beeld van de Nederlandse spoorwegperrons en maakte daarmee Reclame om in te lijsten.

Het Spoorwegmuseum heeft de grootste en belangrijkste affichecollectie in Nederland. Ze hebben een paar duizend spoorwegaffiches en nog eens duizenden posters van de Alrecon collectie. Alrecon was een dochtermaatschappij van de Nederlandse Spoorwegen die alle reclame-uitingen verdeelde over de Nederlandse stations. In deze collectie is ook het werk van Mettes opgenomen.

Affichemaker en verzamelaar Gielijn Escher heeft een mooie tentoonstelling samengesteld met het werk van Frans Mettes.

Cassandre als inspiratiebron
Frans Mettes begon zijn loopbaan op 18-jarige leeftijd en zou tot zijn overlijden in 1984 productief blijven. Na een tekenopleiding raakte hij als huis- en decoratieschilder geïnspireerd door de muurreclames in de stad. Zijn grote inspiratiebron werd de Franse affichevirtuoos A.M. Cassandre (1901 – 1968), die tussen 1927 en 1931 voor Nederlandse bedrijven werkte. De bekendste Nederlandse werken van Cassandre zijn ongetwijfeld de Droste-mascotte en de affiches voor de Holland-Amerika Lijn.

Tot 1940 maakte Mettes voornamelijk film- en spoorwegaffiches, waaronder een affiche voor Marlene Dietrichs film Angel uit 1937. Na afloop van de Tweede Wereldoorlog ging Mettes zich meer toeleggen op het vervaardigen van affiches voor consumentenproducten. Hij had vooral veel rookwaren- en drankenproducenten als klant. Maar ook bedden-, chocolade-, en parfumproducenten waardeerden het werk van Mettes. Het doel van Mettes was om blikvangers te maken. Afbeeldingen waar de op het perron wachtende mensen niet omheen konden.

Van schilderij tot affiche
Voor de affiches gebruikte Mettes gouacheverf, waarmee hij op ware grootte de afbeeldingen schilderde. Zoals de prenten op het station hingen, zo schilderde hij ze ook. Toch beschouwde Mettes zichzelf meer als vakman in de reclamebranche dan als kunstenaar. Na het schilderen kwam de lithograaf die voor het drukken bepaalde welke kleuren en hoeveel drukgangen er nodig waren, waarna men de offsetplaten vervaardigde en de posters in offset gedrukt konden worden. Mettes hanteerde een herkenbare stijl met veel contrasten en kleuren. Hij gaf ook wel eens een humoristische toets aan het werk, voor extra aantrekkingskracht.

Alsof je op de trein staat te wachten
Het werk van Mettes is te zien in een ruimte die wel wat weg heeft van een perron. Met een locomotief en het oude aankomst- en vertrekbord op de achtergrond is het net alsof je op de trein staat te wachten, dus die sfeer is goed gevangen. Alleen door het ontbreken van wind, tocht en wat stationsgeluiden voel je dat je in een museum bent.

De titel van de tentoonstelling, Reclame om in te lijsten, dekt de lading. Alles is mooi ingelijst. Het blijft echter onduidelijk waarom samensteller Escher voor deze affiches gekozen heeft. Is dit het beste werk of het enige werk dat men van Mettes in het archief heeft? Op de begeleidende tekstborden is veel nuttige informatie over Mettes en zijn werk te lezen. Maar niet de reden voor deze tentoonstelling. Wat Mettes onderscheidt van andere reclameschilders wordt helaas niet belicht.

Een gemiste kans
In de tentoonstelling wordt ook een video vertoond, waarin te zien is hoe in het veilinghuisVan Sabben in Hoorn de mooie affiches geveild worden. Conservator Escher heeft bij Van Sabben voor het Spoorwegmuseum regelmatig een aankoop gedaan om de museumcollectie uit te breiden. Het blijft echter jammer dat al dat mooie grafische werk dat het museum bezit ongezien in een archief zit opgesloten. Het zou voor de bezoeker interessant zijn om een gedigitaliseerd affichedepot op een interactief scherm te verkennen. Wat dat betreft een gemiste kans van het Spoorwegmuseum. Op de veiling veel geld betalen voor affichekunst en dan de aankopen opbergen in een depot is eigenlijk zonde.

De affiches zijn inmiddels meer dan posters om producten mee te verkopen; ze zijn kunstvoorwerpen. De liefhebbers van affichekunst zullen genieten van de getoonde werken. Al is het aanbod een beetje te beperkt. Vooral wanneer je bedenkt dat er nog duizenden kunstwerken onzichtbaar voor het publiek in het archief opgeborgen zijn.

► De tentoonstelling Reclame om in te lijsten is tot en met 10 februari 2013 te zien in het Spoorwegmuseum te Utrecht.

Verder lezen & kijken: 
► De boekomslagen voor Bob Evers van Frans Mettes.
► Een greep uit de affichekunst van toen en nu.

©GeschiedenisBeleven.nl, auteur: Etienne Stekelenburg, eindredacteur: Sofie Mulders, foto’s: Spoorwegmuseum en Etienne Stekelenburg

Tijd voor de lijstjes van 2012

Aan het eind van het jaar worden we weer bestookt met lijstjes. Het beste, het slechtste, het lekkerste of het mooiste van 2012. Ik doe maar gewoon mee aan die gewoonte. In volstrekt willekeurige volgorde uiteraard. 

  • Mooiste wandeling van 2012

Vos in WaterleidingduinenWaterleidingduinen op 24 maart. Heerlijk voorjaarszonnetje en een close encounter met vossen. Wat een heerlijk gebied is dat. Ik was er nooit eerder geweest. Er is van alles, bos, water, duin, heide en grazige weiden. Ook leuk om al die verschillende dieren onderweg tegen te komen.

  • Mooiste expositie

Rotterdam Art Fair Art Fair Rotterdam 12 februari, geweldig mooi werk gezien van kunstenaars waar ik nog nooit van gehoord had. Veel variëteit aan kunstwerken. Vooral de fotografie vond ik erg mooi.

  • Beste restaurant

eetcafe-loetjeCafé Loetje, Johannes Vermeerstraat, Amsterdam. Zonder enige twijfel. Wat een geweldige biefstuk. Lekker veel jus en mooie verse salades erbij met mooie frieten. Simpel, maar om je vingers bij op te vreten zo goed.

 

  • Beste concert

DeWolff, 3 november in het Patronaat in Haarlem. Wat een band is dat zeg. Die gasten knallen als een waanzinnige, maar je moet wel van jaren-zestig-muziek houden. Je hoort bij DeWolff invloeden van The Doors, Led Zeppelin, Deep Purple en dat soort muziek. Instrumentbeheersing voor alle drie een vette 9. Het zijn ook geen zoutpilaren die stilletjes hun ding doen maar ze maken er wat moois van, ook om te zien. Gelukkig mag ik 11 januari weer, maar dan in P60 in Amstelveen.

  • Beste festival

Ali B  (Large) (003 )Dat was het enige festival waar ik geweest ben, het theaterfestival De Parade. Zowel in Utrecht als in Amsterdam weer een topavond. Leuke kleine voorstellingen gezien. Ali B had ongetwijfeld de meest verrassende show. Erg gelachen, goeie humor heeft die gast. Ook erg genoten van Ellen ten Damme, wat een geweldige muzikant is ze toch.

  • Beste uitje

Altijd leuk bij Echt Gebeurd in Toomler. De aflevering ‘Post’ van 21 oktober was hilarisch met verhalen van onder andere Marc Marie Huibrechts en Jan Jaap van der Wal. Een heel gezellig zondagmiddaguitje daar bij Toomler onder het Hilton Hotel in AmsterdamToomlerEchtGebeurd

  • Grootste teleurstelling 

Twee grote teleurstellingen, omdat ze allebei even erg waren. De Floriade in Venlo en Unseen, de internationale fotografiebeurs in het Westerpark in Amsterdam. Gewoon niet bieden wat ze beloven. Jammer en nog duur ook.

  • Grootste verrassing

Het album van Lavinia Meijer was een aangename verrassing. De harpiste heeft veel werk gemaakt van de composities van Philip Glass, The Hours en Methamorphosis. Maar je moet wel van minimale muziek houden. Bij één recensie las ik, ‘het is allemaal hetzelfde’. Gelukkig lekker minimaal dus.

  • Mooiste kado

Een schitterend vloerkleed mogen uitzoeken. Een kado van mijn ma. DSC_0155

  •  Beste aankoop

DSC_0161Mijn Fender Precision Bass uit 1975. Wat een heerlijk instrument is dat. En speelt zo anders dan mijn Rickenbacker 4001 uit 1977. Omdat er ook een Fender Jazz bas element op zit was hij goedkoper dan een vintage P bas. Scheelt toch gauw 1000 euro, dus dan maar met een extra Jazz bas element. Niks mis mee, maar ik gebruik alleen het P bas element.