pǝ oɯƃǝʞǝǝɹpǝ ʍǝɹǝlp

wereld op zijn kopDe omgekeerde wereld; het tegenovergestelde van wat normaal of logisch is. Ik kwam het van de week een paar keer tegen. Een afrekening in Amstelveen, met de liquidatie van een roverhoofdman met een meisjesnaam uit het Amsterdamse criminele circuit. En de afrekening, in een Madrileense stierenvechtarena, van drie stoere dierenbeulen letterlijk gestoken in, met glitters beplakte, wufte pakjes in de hupse meisjeskleuren roze, lila en paars. De grootste helden van de avond waren bedekt door een laag bloed van de verwondingen door speren die ze eerder die avond in hun nek geworpen hadden gekregen. 

De advocaten Nico Meijering, Marnix van der Werf en Bénédicte Ficq houden het openbaar ministerie verantwoordelijk voor de dood van hun cliënt Gwenette Martha. Hoe zo’n stoere man aan een dubbele meisjesnaam komt is mij vooralsnog een raadsel maar de keuze voor zijn beroep is er misschien mee verklaard. Met in gedachte het lied ‘A Boy Named Sue’ van Johnny Cash. Jongens met een meisjesnaam, geen goed idee. Een Leestip

De raadslieden van The Boy Named Gwenette beweren dat hij een lopende schietschijf is geworden omdat het OM hopeloos heeft gefaald. Ze hadden die arme jongen moeten beveiligen of hem naar het buitenland moeten laten gaan. Want nu is hij dood, omgekomen in een kogelregen in het immer zo rustige Amstelveen. Nee, niet zijn betrokkenheid met criminele activiteiten is debet aan zijn dood, maar het OM. Laten we het erop houden dat de advocaten weer een inkomstenbron armer zijn. Want een dooie kip legt geen eieren. Gelukkig kunnen de advocaten later de daders van deze moord bijstaan.

Waar normaal het leven van de majestueuze stieren in drie ronden eindigt na een brute marteling, zo werden deze keer drie heldhaftige, op stierenvechterspantoffeltjes, toreadors horizontaal de arena uitgedragen. Niet dat de stieren de strijd ooit kunnen winnen, want worden ze vandaag niet na een martelgang afgemaakt, dan wel een volgende dag. Maar de wereld stond even op zijn kop in de Madrileens arena toen de verminkte dieren het zat waren en zich met vervaarlijke hoorns verzette tegen het onzinnige martelen. Even stond het 3-0 voor de stieren, maar dat was puur scorebordjournalistiek in de Las Ventas Arena.

 

Rondleiding op Begraafplaats Zorgvlied

DSC_0328Een mooie wandeling op een heerlijke lenteavond. Het lijkt een beetje raar wanneer je vertelt dat je een mooie wandeling hebt gemaakt op een begraafplaats. Dat wordt over het algemeen niet geassocieerd met lekker wandelen. Daar kom je om te gedenken, soms in rouw of verdriet. Maar op de begraafplaats Zorgvlied in Amsterdam is dat toch anders. De vergelijking met Pére Lachaise, de begraafplaats in Parijs, is vanzelfsprekend. Ook op Zorgvlied vind je een mooi aanbod aan geschiedenis, kunst, cultuur en moderne creatieve gedenkplekken. Zorgvlied is dus veel meer dan een verzameling droevige grafzerken. Het is een 140 jaar oude schat aan funeraire geschiedenis en het geeft een compleet beeld over hoe men in Nederland over de dood en laatste rustplaatsen dacht en denkt.  

Irma Clement en Marcel Bergen organiseren twee uur durende lente- en zomeravond wandelingen langs bijzondere graven, grafkelders en mausoleums. Het is ondoenlijk om de hele begraafplaats te laten zien, dus ze werken met thema-avonden. Zo waren wij bij de rondleiding ‘Langs oude graven’. Om alle zeventienduizend graven langs te gaan moet je wat meer tijd uittrekken. Mocht je de tijd hebben neem dan wel je wandelschoenen mee. Het stelsel aan paden langs de graven is zestig kilometer lang. Deze paden kronkelen door een terrein van zestien hectare dat vol staat met bijna tweehonderd boomsoorten en zeventien rijksmonumenten. In zo’n zestig kilometer lange tocht loop je in ieder geval langs meer dan driehonderd bekende Nederlanders, uit de wereld van kunst, cultuur en entertainment.

Wat ik in die twee uur ‘Langs oude graven’ geleerd heb is wat die symbolen op die oude graven nu allemaal betekenen. Veel symboliek uit het christendom uiteraard, maar ook werden er oude Griekse en Romeinse symbolen gebruikt op en rond de oude graven. Veel dieren, vooral vlinders, uilen en slangen die in hun eigen staart bijten. Veel bloemblad, geknakte rozen, papaverbollen en overwinningskransen. Vooral de symboliek en de betekenis van de omgekeerde fakkels was mij ontgaan. De vlam is gedoofd. Terwijl bij anderen de eeuwige vlam blijft branden in de vorm van een rechtopstaande fakkel of een gebeeldhouwd olielampje.

Het is mooi om te zien hoe oud en nieuw door elkaar ligt op Zorgvlied. Zo kan je de contrasten mooi zien. Hoe we vroeger en nu met onze doden omgaan en welke moeite we doen om onze dierbaren in herinnering te houden op hun laatste rustplaats. Mensen blijken soms zo ongelooflijk creatief in het bedenken van zo’n unieke plek. Hier komt de funeraire geschiedenis en de hedendaagse begrafenisrituelen op een prachtige manier bij elkaar.

 

 

Eurovisie stemfestival

eurokritischLaatst sprak ik iemand die nog niet wist wat hij moest stemmen voor de aanstaande Europese Verkiezingen. Zelf wist ik het ook nog niet. Ik heb wel een idee wat het ongeveer moet zijn, of eigenlijk ik weet wat ik NIET ga stemmen. Voor alle duidelijkheid; ik heb niets tegen de Europese Unie, ik vind het zelfs een zinvol orgaan. Waar ik een probleem mee heb is de verspilling. Dat blijkt overigens de grootste ergernis van ondervraagden als het gaat om het Europees Parlement. Dus waar ga ik niet op stemmen? Dat zijn de mensen die geen moeite hebben met de verspilling. 

Zo is er bijvoorbeeld het CDA. Deze partij wil korten op uitgaven. Heel verstandig, maar CDA vertegenwoordiger in Europa, Wim van de Camp, is vóór een salarisverhoging voor Europarlementariërs. En dan kom je hoe je het wendt of keert op de bonnetjes. Bovenop het brutosalaris van achtduizend Euro per maand krijgt de parlementariër ook een riante vergoeding voor woon-werkverkeer en ander transport.

Tevens krijgt men nog eens driehonderd Euro per vergaderdag. En of het nog niet op kan krijgen mensen als Wim van de Camp € 4.299, — per maand voor kantoorbenodigdheden. Hiervoor koopt Wim voor vijf medewerkers: laptops of tablets (Wim’s medewerkers mogen kiezen), pennen, potloden, gummetjes, paperclips, printerpapier, toner en catering bij vergaderingen. Ik neem aan dat ze elke maand ook een nieuwe pc krijgen, anders krijg je dat geld nooit op. Wim zegt dat hij dat geld elke maand opmaakt. Andere leden storten wat over is terug in de kas waar het geld vandaan komt. Wim dus niet.

Maar ook als iemand een tweede of derde huis wil kopen in Frankrijk van dat geld is er geen haan die er naar kraait. Het kan, dus ze doen het. Er is geld als water voor onze parlementariërs. Over de zittingstijd van vijf jaar gaat het om circa 2,5 ton per parlementslid. Voor het gehele parlement is dat een kleine tweehonderd miljoen Euro voor het hele parlement voor pc’s, laptops, gummetjes, potloden en de rest wat de kantoorboekhandel te bieden heeft.

Controle over de uitgave is er niet. Ze kunnen doen met het geld wat ze willen. En als er dan iemand, zoals Peter van Dalen van de ChristenUnie, aankoopbonnetjes inlevert omdat hij wat bureaus gekocht heeft wordt hij uitgelachen. Een Vlaming vertelde hem: “Meneer van Dalen, we hebben die niet nodig. U krijgt uw geld zo wel”. Hij laat de controle van de uitgaven over aan een accountant. Die rapporteert aan het partijbestuur. Zo doen het CDA, PvdA, SP en GroenLinks het ook. Ze controleren zichzelf omdat verder niemand dat doet. Alleen de VVD doet het niet meer. Die hebben tien jaar lang hun uitgaven en terugbetalingen laten controleren, “maar daar keek geen hond naar om”, aldus VVD’er Jan Mulder. Hij maakt tegenwoordig gewoon alles op. Voor reizen en een duur pak (voor spreekbeurten) en een nieuwe iPad nadat hij zijn oude had laten vallen.

PVV’er Barry Madlener zegt dat het ‘belachelijk veel geld is, want met vierhonderd Euro per maand moet het ook lukken. Er zijn zelf leden die met een Ferrari of een Lamborghini naar het werk komen.” Van de Camp maakt met zijn medewerkers het hele budget op, want “wij zijn de actiefste delegatie en moet onze onkosten hebben jullie niets te maken”.

GroenLinks gebruikt een deel van het geld voor de verkiezingscampagne. Maar volgens mij is daar een ander potje voor. Parlementariër Marije Cornelissen besteedde veertigduizend Euro, waaronder haar kantooronkostenvergoeding, aan een riant huis en kinderopvang. Ze ziet het als een vergoeding om haar werk goed te kunnen doen. “Daar is niks mis mee”, aldus Cornelissen.

Dennis de Jong van de SP is eerlijk over zijn uitgaven, hij schrijft zelfs zijn koffiefilters á €3,54 af. Hij stort elk jaar dertig mille terug in de kas, zo zegt hij. SGP’er Belder zegt dat hij alleen verantwoording aflegt aan God, het parlement en aan verder helemaal niemand.

Dan is er nog die nutteloze verhuizing van Brussel naar Straatsburg en terug. Dat kost zo’n honderd miljoen Euro, en daarvoor betaalt Nederland zes miljard Euro aan de Unie. Waarom verhuizen die parlementariërs telkens, niemand wil het maar ze blijven het wel gewoon doen. Gewoon in Brussel blijven, laat die Fransen in Straatsburg zitten en vergader via Skype. Waarom die verspilling, alleen omdat Frankrijk het wil? Parlementariërs met ballen, met lef en een moraal, blijven gewoon in Brussel.

Zo wordt er per jaar honderdveertig miljard Euro rondgepompt. En dan te bedenken dat het enig wapenfeit van Wim van de Camp in de vijf jaar dat hij parlementslid is, is het voorkomen van een APK voor motoren. Toch een mooi resultaat voor de Christen Democratische motorrijder, één van de 736 parlementsleden die bij elkaar de gemeenschap veertig miljoen Euro per jaar kost.

Van de dingen die voorbij gaan

LihanboutjeSoms voel ik weemoed wanneer dingen voorbij gaan. Zoals bijvoorbeeld onlangs, toen ik door een reorganisatie mijn werk verloor. Weemoed omdat ik de prettige sfeer met collega’s ga missen maar ook omdat er zomaar dertig procent minder geld op mijn rekening gestort gaat worden. Maar er komt ander werk, daar reken ik wel op. Naast de weemoed is er ook hoop, nieuwe kansen en een nieuwe ervaring. Dus die weemoed, dat gaat wel over.

Soms moet je afscheid nemen van dingen die voorbij gaan die nooit meer terugkomen. Zoals die prettige wandelwebsite van OnTrack.nl. Via een vriendin leerde ik deze site kennen, ik had er nooit van gehoord. We hebben schitterende wandeltochten gemaakt. Een paar jaar hebben we Nederland verkend op een manier die mij heel goed bevallen is. Helaas gaat deze site sluiten en gaat de data, de routes, de GPS bestanden en de controle op de routes verloren. Ik ben nu dus druk doende al die routes te kopiëren opdat ze niet verloren gaan. De site houdt op te bestaan maar ik probeer de meeste routes te bewaren. We kunnen nog genieten van die heerlijke wandelingen, door éénmanspaden in bossen, over planken in moerassen, door polders, door duinen en over de hei als ik ze bewaar.

Waar ik nog wel een wakker van schrik, als ik eindelijk in slaap ben gevallen, is de vergankelijkheid van smaak. Dat kan je, in tegenstelling tot bovenstaande voorbeelden die eindigen, nooit meer terugkrijgen. Hoe je het wendt of keert, er komt een tijd, om wat voor reden dan ook, dat ik de heerlijke gehaktballen van mijn ma niet meer kan eten. De rode kool, de soepjes, de warme peertjes, de oer-Hollandse pot van moeders waar ik zo vertrouwd mee ben. Dat gaat ooit eens verloren. Je zou dit soort smaken gewoon moeten kunnen verzamelen, bewaren, opslaan, conserveren of hoe dan ook. Gewoon voor later.

Snackbar TrudySmaken die je ook nooit meer proeft. De pindasaus van het lokale frietkot waar je als kind al kwam en dan ineens weg is. Net als de zelfgemaakte, iets te vette, maar oh zo lekkere lihanboutjes. Nooit heb ik die meer gegeten. Ik zou er wat voor over hebben om ze nog eens te proeven. Onvervangbaar en slechts een herinnering van dingen die voorbij gaan.

Zo werd ik ook nog eens gillend wakker toen bleek dat de frites sticks van Smith’s niet meer in de schappen lag. Nergens meer te vinden. Terwijl ik ze zo graag at, zowel paprika als naturel. Nooit meer dat heerlijke aardappelproduct, zo jammer. Totdat ik een keer in een benzinestation een vergeten zakje zag liggen. Ik kon mijn geluk niet op. Ik ben nog eens omgereden om daar te gaan tanken. Maar volgens mij had ik echt de allerlaatste.

Kan iemand dat niet gewoon uitvinden, een smakenbewaarder?

Elke dag Moederdag

loesje-moederdagMijn moeder zegt altijd: “Als het van die ene dag moet afhangen, dan hoeft het voor mij niet, die Moederdag”. Vroeger, op de kleuter- en lagere school, heb ik wel eens wat cadeautjes gemaakt voor Moederdag, maar verder deden we bij ons thuis nooit iets aan Moeder- noch Vaderdag. En eerlijk gezegd, dit soort dagen gingen in ons gezin altijd geruisloos voorbij. Het enige wat erover gezegd werd was: “Als het van die ene dag moet afhangen dan hoeft het voor mij niet, die Moederdag”. 

Via de sociale media kwamen er weer typische moederdagcadeaus langs. Licht uit, spot aan, start de band. Ik zag een blender, een mixer, keukenschort, droogrek, een fiets met kinderzitje, sieraden, luchtjes, sloffen, mokken met opdrukken als ‘Voor Mama’, of ‘De liefste mama’, saunatripje, waardebonnen voor weet ik wat, veel roze en rode dingen, verwendagen vouchers, een vraagteken, zeep, shampoo, badschuim, iets met harten, een horloge, chocoladeworkshops, lippenstiften, crémepjes, rozen, high tea arrangementen, boeken, laarzen, ontbijtservice, nagellak, kookboeken en een weekendje weg.

Dus ook dit jaar heb ik weer niets voor mijn moeder gekocht. En inderdaad, alleen op die ene dag aandacht voor je ma is wel heel erg schaars. Zo hoorde ik gister nog vertellen, door iemand die op een zorgtaxi rijdt, hoe vervelend het is om iemand naar het ziekenhuis te rijden voor bijvoorbeeld een chemotherapie. Ik moet er niet aan denken dat mijn ma elke dag, of elke week voor zoiets in haar uppie in een taxi naar een ziekenhuis moet.

Juist op die dagen is het Moederdag. Daar offer ik al mijn vrije dagen voor op. Dan maar niet drie weken in de zon, op ski’s of in een Center Parcshuisje. Ik zou elk uur aan zorgverlof en al mijn snipper- en vakantiedagen opnemen om samen met mijn ma naar een ziekenhuis te rijden. Zoals zij vroeger ook met mij meeging naar het ziekenhuis. Ik denk ook dat ze daar veel meer aan zou hebben dan die zelfgekleide asbak en die macraméwerkjes die ik ooit eens meebracht van school.

 

De WordPress Versneller

wordpressDat pik ik mooi even mee, ik kan weer een competentie bijschrijven op mijn cv. Laatst moest ik op de website van het UWV een lijst met competenties invullen; wat kan ik, wat weet ik en wie ben ik. Na een flink aantal uur sleutelen, tweaken en knutselen aan de instellingen van mijn WordPress weblog kan ik mezelf met trots een WordPress Versneller noemen. Vrees niet, ik ga niemand lastigvallen met een uiteenzetting over WordPress plugins, W3 Total Cache configuraties en Cloudflare instellingen, maar het blijkt dat je zonder veel kennis van zaken, met hulp van Google en wat gezond verstand een wiel kan uitvinden waarvan je twee weken geleden het bestaan nog niet wist. 

Omdat ik de laatste tijd door vrienden en kennissen attent word gemaakt dat mijn weblog wel heel erg langzaam zichtbaar wordt, moet ik toch eens kijken wat hieraan te doen is. Vooral op tablets en mobieltjes blijkt de site nauwelijks te laden. Sommigen laten weten dat ook op hun laptop mijn zin en onzin nauwelijks te volgen is. Zo zonde.

Heb ik eindelijk een leespubliek, blijkt dat het publiek telkenmale op de proef gesteld wordt met een downloadtijd van een paar minuten. Vandaar dat ik hier maar eens ingedoken ben. Ik heb sinds zeven april jongstleden wat meer tijd omdat mijn functioneren overbodig werd bij mijn werkgever. Laat ik die nieuw herwonnen tijd dan ook eens nuttig besteden. En leergierig als ik ben beleef ik veel plezier aan het uitpluizen van WordPress. Er is hulp genoeg van handige types, WordPressnerds en pc-specialisten die mij door de problemen loodsen met ‘walk throughs’, handleidingen, screenshots, suggesties, tips en trucs. En zeker nu ik de laadtijd heb kunnen terugbrengen tot onder de twee seconden ben ik trots om te zeggen: “Ik ben een WordPressversneller”.

En nu weer aan het werk met de Photoshop- en Illustratorcursus. Er is goede hoop dat ik dat ook kan leren. Werkloos zijn heeft zo zijn voordelen, al kost het dertig procent van je inkomen, het levert ook wat op. Vooral veel kennis en het plezier van de vergaarde kennis te gebruiken. Wie weet, misschien wel in een volgende baan.

Page load tijd

Dagboek van een werkzoekende #6

werkloosHet is waar, werkloos zijn is geen pretje. Als ik dadelijk een werkloosheidsuitkering ontvang is mijn inkomen beduidend minder. Meer dan 30 procent minder dan ik op mijn rekening kreeg toen ik nog werkte. Ik zal mijn uitgaven moeten beperken. Moet een hobby zoeken die minder geld kost dan het verzamelen van vinyl. Geen obscure psychedelische garagerock elpees of punk- en new wave-singeltjes meer kopen. Minder vaak uit eten, en misschien weer wat abonnementen opzeggen. Jammer want ik ben gehecht aan mijn zaterdagkranten met al die mooie bijlagen en magazines. Minder boeken, minder concerten. Maar werkloos zijn heeft ook voordelen, zo blijkt nu, Dus de focus ligt op de voordelen. Ik ben niet hopeloos.

Zo kan ik werken aan mijn slaaptherapie. De opdracht van het Slaapwaakcentrum in Heemstede: ‘s avonds om twaalf uur naar bed en ‘s morgens, nou ja ‘s nachts eigenlijk, om vijf uur eruit. Dat doe ik dus en volgens mij levert het nog resultaat op ook. Als ik zou werken zou ik als een zombie op het werk rondlopen. Met zo’n opdracht, wat neerkomt op dat je jezelf moet uitputten, kan je niet werken. Tenminste, nog niet. Nu sta ik monter en fier om vijf uur naast mijn bed. Ik hoop dat ik met deze methode sneller in slaap val, sneller dan drie of vier uur in de nacht zoals ik gewend was. Soms viel ik om half zes pas in slaap en dan ging om kwart over zes de wekker om naar het werk te gaan. Dus ik kan nu gewoon werken aan een spoedig herstel. Dat is alvast één voordeel. Maar er zijn er meer.

Het tweede voordeel is dat ik energie heb om eens een uurtje te schoffelen in mijn tuin. Door gebrek aan vitaliteit en met een hernia-verleden kwam het daar nooit van. Maar elke dag een uurtje, als het weer het toelaat, is geen probleem. Zodra de vermoeidheid, door de weinige uren aan slaap, mijn lijf in kruipt, of ik rugpijn voel, stop ik gewoon en ga ik weer op zoek naar vacatures. Dan duik ik achter de pc met een bak koffie, op banenjacht.

Nog een voordeel van mijn werkloosheid; omdat ik van de diëtiste geen koolhydraten mag kan ik geen gewoon brood eten. Ik mag wel koolhydraatarm brood. Bij de lokale bakker hebben ze heerlijk brood, maar als ik die uit mijn werk zou moeten kopen is die al lang uitverkocht uiteraard. Nu loop of fiets ik om negen uur naar de bakker voor een heerlijk versgebakken koolhydraatarm broodje. Ook dat draagt bij tot een betere gezondheid.

Zo zie je maar, werkloosheid heeft ook mooie kanten. Ik kan weer een beetje gezond worden. Nog zo’n voordeeltje, ik kan aan mijn cursus Photoshop en Illustrator werken. Ik kan mijn dagelijkse rondje door de polder lopen of fietsen voor de nodige lichaamsbeweging. En wie weet kan ik nu eindelijk eens verder met het schrijven van mijn boek. Dat project staat door de lichamelijke en mentale vermoeidheid ook nog in de ijskast.

Wanneer ik aanspraak kan maken op een uitkering krijg ik minder dan 70 procent van mijn laatstverdiende loon, maar ik krijg er een dijk van een gezondheid voor terug, zeker weten.