Opstaan joh.. het is al laat

Opstaan Het is vandaag al weer 1980 jaar geleden dat de timmermanszoon, Jezus Christus van Nazareth, waarlijk is opgestaan. Normaal bleef hij het hele weekend in zijn bed liggen. Zeker na vier dagen feesten.  Hebben we eerst keihard de Witte Donderdag, de Goede Vrijdag en de Stille Zaterdag gevierd zijn we nu aangekomen op Paas Zondag. En dan moet je toch redelijk vroeg opstaan om op tijd op de paasbrunch bij je schoonouders te verschijnen. Zo ook JC. 

Wat eraan vooraf ging. In het kort: Judas Iskariot, een soort kroongetuige lapt Jezus erbij voor 20 zilverlingen tijdens een schijnproces. Jees wordt veroordeeld maar het volk mag nog kiezen; of Jees vrij of het onderwereldfiguur Barabbas vrij. Blijkt dat Barabbas net zo populair is als Wimpie Holleeder. Hij komt vrij, krijgt 2000 zilverlingen per column en mag zijn zegje doen in de College Tour voor een zaal studenten aan de Universiteit van Jerusalem. Jezus hangt, dat is duidelijk. Maar zegt tegelijk dat hij na drie dagen weer op pad gaat.

Inmiddels is het dus Paaszondag, een mooie dag om in je nest te blijven liggen maar nee, Jezus staat op. Blijkt dat iemand een grote steen voor de ingang van zijn grot gerold heeft. “Wat nu?” zei Pietje Cru. Maar Jezus zou Jezus niet zijn als hij niet een truck had. Je bedoelt een truc? Nee, een truck.. zo’n enorme vrachtwagen om stenen weg te slepen. Maar trucs had hij ook uiteraard. Binnen no -time is de enorme steen weg. Maar er staan blijkbaar ook bewakers die moeten waken of Jezus niet ontsnapt uit de dood.

En dan is daar ineens wel de truc van Jezus. Hij vermomd zich als konijn en gaat in een hoge hoed zitten. Net zolang tot iemand die hoge hoed komt halen en hij naar buiten kan hoppen, de vrijheid tegemoet. Hebben we hier gelijk het antwoord op de vraag “Wat heeft die paashaas met Pasen te maken?” Jezus had deze truc nog niet helemaal uitontwikkeld en leek het konijn meer op een haas dan op een konijn. Jezus is niet op zijn achterhoofd gevallen en dacht: “Als je met een enorm paard Troje binnenkomt, kom ik als een enorm konijn in een enorme hoge hoed deze grot wel uit”. Niet slecht bedacht.

Maar hoor ik je denken: “Wat is nou het verhaal achter dat gedoe met die paaseieren?” Dat heb ik even uitgezocht uiteraard. Hazen leggen geen eieren, dat weet een kind. Nee we moeten er 27 etymologische naslagwerken bijslepen om dat verhaal te duiden. In Engeland, Amerika en het grootste deel van Canada viert met ‘Easter’ of in het Nederlands ‘Oosten’ en onze Oosterburen spreken van ‘Ostern’. Nou kwam het vroeger voor dat mensen niet oud werden. Voornamelijk door broze botten.

De woorden ‘Easter’ of in Oudengels ‘Eostre’ en ‘Ostern’ stammen etymologisch gezien dan ook van het woord ‘Osteoporose’ ofwel botontkalking. En wat doe je als je broze botten hebt omdat je aan Osteoporose lijdt; je moet kalk consumeren. Eierschalen dus. Zo kwam het dat tijdens Easter of Ostern massaal eierschalen gegeten werden tegen de botontkalking. Tegenwoordig gooien we de schalen weg nadat we het goedje in de dop gekookt hebben, maar dat was vroeger wel anders. Vroeger werd het eiwit en eigeel verzameld om in hele grote koekenpannen op enorme paasvuren tot omelet gebakken te worden. Mooi feest hoor Pasen.

 

Ook Goeie Vrijdag…

De locatie: Golgotha nabij Jerusalem.
De tijd: Goede Vrijdag van het jaar 33 net na lunchtijd.

KruisOp de heuvel steken drie kruisen de hemel in. Aan het middelste kruis hangt Jezus Christus van N. woonachtig te J. Hij wordt geflankeerd door twee moordenaars wiens namen mij ontschoten zijn. Jezus van N. is door een gerechtelijke dwaling ter dood veroordeeld en hangt inmiddels sinds half negen aan het kruis. Na de lunch nemen zijn krachten zienderogen af.

Onder aan de heuvel staat zijn familie, vrienden, kennissen, discipelen, fans en groupies. Sommigen roepen zijn naam “Jezus kut voor je” of “Jezus Christus, wat een teringstreek van die tyfus Judas” en een derde zingt ” Kom van dat kruis af” naar een oude hit van Petrus de coole wijnboer.

Petrus, die andere, de leerling van Jezus staat ook tussen de joelende menigte. Hij zegt “jongens kap effe stil nou. Volgens mij roept Jezus mij”.

En inderdaad, na goed luisteren hoort de menigte duidelijk dat Jezus de naam van Petrus roept. Dus Petrus loopt naar een Romeinse wachter en vraagt of hij even naar Jezus mag. Maar die zegt “Nee, flikker op mafkees. Al was je Andries Knevel niemand mag de heuvel op”.

Petrus roept naar boven,”Oh Heer ik mag niet naar boven”. En weer roept Jezus: “Petrus”. Het wordt allengs duidelijk dat die niet lang meer leeft. “Peeetrus” horen ze weer onderaan Golghota.

Petrus denk ” Ik moet naar boven, de Heer heeft mij nodig”. En hij raakt slaags met twee Romeinse wachters. Helaas wordt Petrus goed afgetuigd en moet zijn poging staken.

En weer rochelt Jezus de naam van Petrus “Peeeetruuuus”. Het is duidelijk dat hij de Pasen niet meer haalt. “Peeeeeetruuuus” rochel rochel kuch kuch.

Nog een keer waagt Petrus een poging om bij zijn Heer te komen. Als door een wonder krijgt Petrus bovennatuurlijke krachten. Hij verslaat twee, drie, vier, vijf Romeinse wachters maar loopt flinke schade op.

Met flinke slag- en steekwonden in armen, hoofd en lijf kruipt Petrus half dood de heuvel op. Eindelijk valt hij voor Jezus onderaan het kruis op zijn knieen en zegt ” Oh Heer U riep en ik ben gekomen”. En Jezus zegt met zijn laatste adem: “Peeeetruuus, ik …. kan ….. vanaf hier …….. je huis zien.” En sterft

De keuken van Giphart XIII

Ronald Giphart, de schrijver van onder andere GiphPhileine zegt sorry, en Ik omhels je met duizend armen, schrijft een feuilleton voor de weekend-editie van De Volkskrant.  Dat doet hij niet alleen. Via social media als de Facebook-pagina Volkskrant Feuilleton vraagt Giphart zijn volgers om tips, ideeën en laat hij af en toe een poll op hen los. Zo krijg je een mooi kijkje in de keuken van een schrijver en het ontstaan van een verhaal, boek of in dit geval een feuilleton.

giphartGiphart is gemeen in aflevering 26 van het feuilleton. De lezers wachten natuurlijk al een tijdje op een confrontatie tussen hoofdrolspeelster Bibi en haar minnaar Silvijn. Die confrontatie komt er, er is geen ontkomen aan. Maar op het moment dat de dingen die gezegd moeten worden ook gezegd gaan worden ‘pant’ de camera filmisch negen meter verderop naar de tafel waar de rest van De Vijf over Bibi aan het roddelen is.

“Ik bel je niet omdat ik zo graag je stem wil horen” laat Giphart Bibi zeggen tegen Silvijn die hoopvol op haar telefoontje had gewacht. Bibi ging Silvijn eens even haarfijn uitleggen wat op haar hart lag, maar we lezen nog niet wat ze kwijt wil. Misschien volgende week?

We maken wel weer meer kennis met de rest van de vriendinnenclub De Vijf. Sanne onthult dat ze sms’jes ontvangt van een rechter die haar wil zoenen. Ze moet er niet aan denken, maar ze vindt de berichten wel grappig. Ik denk dat iedereen wel blij wordt van een beetje aandacht, dus ook Sanne Moens. Ook al is ze getrouwd met Bram, een redacteur bij de Libelle. Ze heeft in ieder geval geen hekel aan de aandacht.

Rosalie van Lokeren lijkt het meest teleurgesteld in mannen en alles wat daarmee samen gaat. Ze is gescheiden en laat weten dat ze mannen haat. Ze vindt ook dat de rechter buiten zijn boekje gaat en beschuldigt hem dan ook gelijk van ´harassment´. Rosalie gebruikt wellicht de Engelse term omdat het wat krachtiger is dan Nederlandse vertaling.  ´Harassment´ heeft doorgaans een seksuele connotatie, een leidinggevende die zijn werkneemster lastig valt met allerlei handtastelijkheden en daarvoor veroordeeld wordt.

De dames willen heel graag van Bibi weten wat voor vlees ze in de kuip hebben met die Silvijn. Voor Rosalie is het duidelijk, die Silvijn is stapelgek op Bibi. Sanne is benieuwd of die twee ´het´ nog steeds met elkaar doen. Ook Klaasje zag pure verliefdheid in de ogen van Silvijn, ´alsof hij haar het liefst ter plekke wilde ontvoeren´ zei ze.

Ik ging er eerlijk gezegd van uit dat Silvijn op het eiland was om de boel eens flink op te schudden, uit wraak of vanwege een hersenkronkel. Maar nu de vriendinnen van Bibi één en al liefde lijken te zien in Silvijn, krijg ik langzaamaan het idee dat Silvijn misschien wel in een blinde dwaze vlaag van verliefdheid naar het eiland is gekomen. Niet zozeer om de boel op stelten te zetten. De uitnodiging om aan te schuiven bij de groep voor een lunch in het Posthuys,  waarop sommige dames nog op aandringen, laat Silvijn toch passeren. Het wachten is eigenlijk tot Giphart het script van het telefoongesprek heeft uitgetypt en het met de wereld wil delen. To be continued…

 

 

Redactie doet haar best

Soms zijn er brievenschrijvers die liever niet hun woonplaats in de krant hebben wanneer ze een brief insturen. Dan is de redactie zo netjes om te melden dat de woonplaats wel bekend is bij de krant, maar laat zij de woonplaats van de inzender weg. En als de brievenschrijver dan toch gewoon in het stuk zet waar hij woont. Of zou hij inmiddels verhuisd zijn?

krant001

De jaren ’70: niet saai maar in beweging

Het boek Nederland en de jaren zeventig van historicus Duco Hellema geeft duiding aan de Jaren ’70. Na de roerige jaren ’60 worden de jaren ’70 saai, conservatief of stagnerend genoemd. Onterecht volgens Hellema.

Recensie_Hellema_JarenZeventig(In zijn inleiding is Duco Hellema, als hoogleraar in de Geschiedenis Der Internationale Betrekkingen verbonden is aan het Departement Geschiedenis en Kunstgeschiedenis van de Universiteit van Utrecht, is volstrekt duidelijk. Dit boek is het product van een uit de hand gelopen hobby. Een persoonlijk retrospectief. Maar voor jaren ’70 nostalgie als het winnen van de Europacup door Ajax of het zangtalent van de populaire Heintje [http://nl.wikipedia.org/wiki/Hein_Simons] is geen plaats in het boek van Hellema. Toch is het ook een nostalgisch boek, toegespitst op politieke en maatschappelijke gebeurtenissen.

Er bestaat inmiddels een grote hoeveelheid literatuur over de jaren ’70, dus waarom nog eens een boek over deze periode in de Nederlandse geschiedenis? Volgens Hellema zijn er nogal wat verschillende visies op de jaren ’70. Zo spreekt journalist Henk Hofland in 1973 al van “De grote matheid”; na de roerige jaren ’60 lijkt Nederland ingedut.

Veel schrijvers delen deze mening. Hans Righart beschrijft de jaren ’60 in zijn boek De eindeloze jaren zestig uit 1995 als “het blakende zelfvertrouwen van een generatie die ervan overtuigd was de wereld opnieuw te kunnen beginnen”. Na deze “glanzende fata morgana” waren de jaren ’70 en ’80 “business as usual”. In het boek Jong in de jaren ’70(1993) van Ed van Eeden en Peter Nijssen valt te lezen dat de vernieuwingsdrang van de jaren ’60 teniet wordt gedaan door “belangenversnippering, hokjesgeest, vertrutting en de grote matheid”, waar Hofland het ook al over had.

 

 

 

 

 

 

 

De jaren ’70 waren in politiek opzicht juist niet zo ‘mat’. Op de foto links zien we minister van Justitie Dries van Agt (KVP) in debat met de Tweede Kamer over het gratieverzoek van de Drie van Breda (= oorlogsmisdadigers WOII). De foto rechts toont een Molukse treinkaper uit 1975 bij Wijster, Drenthe. (Foto’s: Wikimedia)


De lange jaren zeventig

Hellema spreekt dan ook liever van “De lange jaren zeventig”, die beginnen in 1968 en eindigen in 1982. Hij beschrijft in Nederland en de jaren zeventig hoe juist ideeën als democratisering en vrouwenrechten uit die opstandige jaren ’60 pas vorm krijgen in de jaren ’70. Je zou kunnen zeggen dat het gevecht begonnen is in 1968 maar dat de prijzen pas werden uitgereikt in de jaren ’70. En zo laat de schrijver zien dat de geest van die jaren zelfs nog rondwaart in de Nederlandse politiek van begin jaren ’80. Hellema geeft veel voorbeelden.

Na de rebellie van 1968 werd alles weer rustig, is een algemeen aangenomen stelling. Het lijkt toch een misvatting. Dolle Mina, studentenactie tegen een eigen bijdrage, stakingen georganiseerd door de vakbonden voor inkomensnivellering, acties van de Vereniging van Dienstplichtige Militairen, de strijd om de Nieuwmarkt waar in Amsterdam huizen werden afgebroken voor de metrolijn, en de acties tegen neutronenbommen en de kerncentrale in Dodewaard vonden allemaal plaats in de jaren ’70.

Beter langharig dan kortzichtig
In tal van maatschappelijke organisaties kwam de vernieuwing niet na de acties van 1968 maar juist in de jaren ’70. Zo zien we een grote verruiming van de individuele rechten van de mens in de gezondheidszorg, emancipatie, onderwijs en arbeid. Patiënten in psychiatrische inrichtingen kregen rechten, vrouwen werden niet meer ontslagen zodra ze in het huwelijk waren getreden. Vrouwen konden legaal abortus laten plegen in speciaal daarvoor ingerichte klinieken. Er kwamen nieuwe soorten onderwijs zoals de Open Universiteit en Moeder Mavo. En langharige dienstplichtigen als Rinus Wehrmann werden niet langer meer tot twee jaar gevangenisstraf veroordeeld omdat zij weigerden hun haar te laten knippen.


Protesterende vrouwen voor het Binnenhof in 1974. Aanleiding was de dreigende sluiting van de abortuskliniek Bloemenhove door minister van Justitie Dries van Agt (KVP). Abortus was nog geen algemeen geaccepteerd recht en druiste in tegen de christelijke beginselen. (Foto: Wikimedia)

Oog voor details
Hellema heeft een mooi boek geschreven waarin hij niet alleen de grote lijnen belicht en in perspectief met de rest van de wereld zet. Hij heeft ook oog voor de kleine, gemakkelijk vergeten details, zoals de beroemde uitspraak van vakbondsleider Herman Bode tijdens een manifestatie van arbeiders: “Willen we naar De Dam, dan gaan we naar De Dam”. De demonstratie was verplaatst naar het RAI-complex omdat de overheid vreesde voor rellen tijdens de geplande demonstratie op de hoofdstedelijke Dam.

Aan het slot stelt Hellema dat Nederland aan het begin van de jaren ’80 bewust kiest voor de verrechtsing en individualisering van de maatschappij. Een wereldwijde trend zo lijkt het, maar tot een gedegen analyse van deze stelling komt hij verder helaas niet. Misschien komt die analyse in een nieuw boek: Nederland en de jaren tachtig.

Nederland en de jaren zeventig (2012), Duco Hellema, Uitgeverij Boom

Verder lezen en kijken:
► Bekijk de aflevering van Andere Tijden over de jaren ’70
► Bekijk een filmpje over de sloop van de Nieuwmarkt
► Kunstenaars, schrijvers, muzikanten en cabaretiers schrijven over opgroeien in de jaren ’70 in Paradijs bij het dashboardlicht van Henderson, J. en Jaeggi, A., Uitgeverij Tomas Rap
► Bekijk een filmpje met beelden van bekende gebeurtenissen uit de jaren ’70.

©GeschiedenisBeleven.nl, auteur: Etienne Stekelenburg, eindredactie: Inge den Boer, beeldredactie: Jos Groenendaal, foto’s: Wikimedia en Uitgeverij Boom

De keuken van Giphart XII

Ronald Giphart, de schrijver van onder andere GiphPhileine zegt sorry, en Ik omhels je met duizend armen, schrijft een feuilleton voor de weekend-editie van De Volkskrant.  Dat doet hij niet alleen. Via social media als de Facebook-pagina Volkskrant Feuilleton vraagt Giphart zijn volgers om tips, ideeën en laat hij af en toe een poll op hen los. Zo krijg je een mooi kijkje in de keuken van een schrijver en het ontstaan van een verhaal, boek of in dit geval een feuilleton.

giphartDacht ik het niet, om gelijk maar met de deur in huis te vallen. Dacht ik het niet, Kick heeft een schaduwkantje. Volgens de psychoanalyticus Carl Gustav Jung is zo’n schaduw een deel van het onbewuste, zoals verdrongen zwakheden, tekortkomingen en instincten. Bij Kick is sinds aflevering 25 van het feuilleton wel duidelijk waar zijn schaduw ligt. Hij had dus wel degelijk een connectie met Nathalie, de overleden vrouw van Silvijn.

En nu is het ook gelijk logisch waarom Kick de zin ‘we moeten even praten’ uit aflevering 24 totaal negeerde. Hij dacht natuurlijk dat Bibi het over hem en Nathalie wilde hebben. Dus verlegt Kick snel de aandacht naar de kinderen. Gewoon om niet de confrontatie met zijn vrouw aan te hoeven gaan.

Nu Kick zijn geheim gedeeld heeft met de mannenaanhang van De Vijf is het natuurlijk een kwestie van tijd voordat het nieuws De Vijf bereikt. Er is natuurlijk altijd één man die geen geheim kan bewaren voor zijn geliefde. En natuurlijk belooft de geliefde haar mond te houden tegen haar vriendinnen, ja natuurlijk. Ja en de nieuwe paus had eerder gesolliciteerd voor een baan als ayatollah. Natuurlijk niet.

Het is niet erg wanneer je ver van tevoren al weet wat er gaat gebeuren. Zo weet je bij een thriller ook altijd dat er iemand gaat sterven. Niemand is daar door verrast als dat gebeurt. Bibi komt linksom of rechtsom te weten dat haar vent versmolten is geweest met de vrouw die zij naar haar laatste rustplaats heeft begeleid. Dezelfde vrouw die getrouwd was met haar minnaar Silvijn.

Het begin van aflevering 25 geeft misschien een idee hoe Bibi het geheim van haar man te weten komt als ze het toch niet van haar vriendinnen hoort. Drie jongens gaan op pad met de camera van Frederique om een verslag te maken van hun vakantie. Je kan op je vingers natellen dat ze iets vastleggen dat niet voor anderen bestemd is. Eerst dacht ik nog dat een pijnlijk gesprek tussen Bibi en Silvijn voor de eeuwigheid vastgelegd zou worden, maar nee. Niet in deze aflevering van het feuilleton in ieder geval.

Eerst is Kick aan de beurt om ten prooi te vallen aan documentaire-ambities van Hidde, Roel en Yf. Ik krijg een beetje een ‘Q & Q moment’, jongens die iets vastleggen waarvan ze nog niet weten hoe het levens gaat veranderen. Niet zozeer een lijk in een bos zoals bij de jeugdserie ‘Q & Q’, maar voor de betrokkenen toch niet minder dramatisch.

Het zou mooi zijn wanneer de jongens met hun camera en microfoon, nog wat spannende momenten vergaren. Geheimen waar wij als lezer het bestaan nog niet van kennen, maar waarvan we bij het afspelen van de beelden zullen zeggen, “Ja, logisch dat juist die twee …….” En vul maar in. Er kan nog veel gebeuren. De vakantie, en het feuilleton duurt nog wel een tijdje, ruimte en tijd genoeg voor weer een laag, of voor geheimen die zelfs Giphart nog niet kent.

Over Ronald Giphart gesproken, hij is niet alleen schrijver van dit feuilleton maar zoals de inleiding al doet vermoeden vooral schrijver van boeken. Zo kreeg ik tijdens onze breinbruissessie in Utrecht zijn boek De Wake. Een erg aangenaam boek, ik heb er veel plezier aan beleefd. De vertellers van de drie verhalen in Wake zijn alle drie al dood. Klinkt gek maar wanneer je het leest vergeet je dat het eigenlijk niet kan en neemt de dode verteller je mee door het leven van de drie overleden hoofdpersonen. Verrassend en vermakelijk, een aanrader. En nogmaals dank aan Ronald voor het fraaie cadeau.

 

 

Gitaarheld Alvin Lee overleden

Alvin Lee, de gitaarheld van de legendarische groep Ten Years After is niet meer. Plotseling op 6 maart overleden in Spanje na complicaties als gevolg van een medische ingreep om een onregelmatige hartslag te repareren. Alvin is 68 jaar geworden. Bedankt voor de mooie muziek, Alvin.

alvin leeVoor zover ik mij kan herinneren was het rond 1975 toen ik de plaat ‘Recorded Live’ van Ten Years After voor het eerst hoorde. Een vriend van mijn broer had de plaat en dat dubbele live album lag op een gegeven moment bij ons thuis. En staat overigens ook nog steeds in mijn platenbak.

In die tijd hadden we ook een groot Philips huiskamerorgel in huis staan. Daar kwam een beter geluid uit dan uit onze stereospeler. Dus telkens wanneer ‘Recorded Live’ gedraaid werd prikte ik wat pluggen in het orgel om te horen hoe Alvin na de aankondiging ‘…. und jetzt in the Festhalle in Frankfurt, Ten Years After’ het akkoord aansloeg waarmee hij ‘One of These Days’ inzette. En het was alsof je zelf ook in de Festhalle in Frankfurt zat. Wat een geweld, en wat een geweldige plaat ook. Ik draai hem nog regelmatig op cd of op de iPod. De plaat is zo grijs gedraaid die is niet meer aan te horen.